Flexijobs: voor wie waren ze eigenlijk bedoeld? - lees verder

Ook voor mij was dat zo. Ik ben nu drie jaar met pensioen, en een flexijob zou voor mij een mooie aanvulling zijn. Niet om rijk van te worden, maar om actief te blijven, om onder de mensen te komen, om nog een stukje van dat werkritme vast te houden.

Maar vandaag is de realiteit anders. Een flexijob vinden als gepensioneerde? Dat is bijna onbegonnen werk.

Waarom? Omdat jonge mensen steeds vaker kiezen om niet voltijds te werken. Ze werken drie of vier dagen per week voor hun baas, en de overige dagen vullen ze in met flexijobs. Voor werkgevers is dat aantrekkelijk: jonge mensen leren snel, zijn flexibel, en het werk wordt goedkoper gedaan. De keuze is snel gemaakt, en de oorspronkelijke doelgroep van flexijobs verdwijnt naar de achtergrond.

En dat vind ik jammer. Flexijobs waren ooit bedoeld voor mensen die hun loopbaan hadden afgerond, die nog iets wilden betekenen, die niet aan de kant wilden staan. Voor mensen die na 35 jaar trouwe dienst soms abrupt worden afgedankt omdat het bedrijf verhuist naar goedkopere landen. Voor mensen die nog willen meedraaien, maar niet meer voltijds kunnen of willen.

Mijn mening? Laat flexijobs terugkeren naar hun oorspronkelijke bedoeling. Laat gepensioneerden opnieuw een plaats krijgen in dat systeem, zodat zij zich niet buitengesloten voelen in een maatschappij waar ze jarenlang aan hebben gebouwd. Jonge mensen kunnen perfect fulltime of parttime werken voor hun werkgever, maar laat de flexijobs aan wie ze ooit bedoeld waren.

Niet uit egoïsme.
Maar uit rechtvaardigheid.

Canvas van brug over het water met een zelfportret.