Rijk volk en stille Jachten - Lees verder
Dan stel ik mij de vraag: waarom koop je dat dan? Is het om te stoefen? Om te kunnen zeggen: “Ik heb een jacht”? Als dat zo is, vind ik dat eerlijk gezegd een beetje zielig.
Want zo’n boot kost niet alleen een smak geld om te kopen. Er komt nog van alles bij: liggeld, verzekering, onderhoud, brandstof… noem maar op. Dat zijn duizenden euro’s per jaar, gewoon om daar te liggen alsof het decor is.
Woensdag zagen we eindelijk eens leven: een man die zijn boot aan het kuisen was. Ik dacht: tja, eindelijk een mens op één van die honderden boten. Waarschijnlijk alles aan het klaarmaken voor de winter. Het was bijna grappig hoe één persoon opviel tussen al dat stille, dure speelgoed.
Wat ons tussen al die rijkdom toch het meest is bijgebleven, waren de zwanen. Altijd per koppeltje: het mannetje met zijn langere, sierlijke nek en zijn vrouwtje naast hem. ’s Morgens kwamen ze tot aan ons terras, alsof ze wilden kijken of er nog een restje ontbijt te vinden was. Zo mooi en zo rustig, een klein stukje natuur tussen al dat blinkend jachtgeweld.
En dan was er Rik, de havenmeester. Een jonge kerel van goud. Je mocht hem vragen wat je wou, hij stond altijd klaar voor jan en alleman. Hij liep op krukken door een scheur in zijn kuitbeen, maar dat hield hem niet tegen om zijn werk goed te doen. Hij deed de was, verzorgde de balie, bracht de ontbijten rond… een echte manusje‑van‑alles. Zo iemand verdient een pluim.
Toen we gingen uitchecken, gaven we hem een welverdiend compliment. En wat kregen we? Een typisch Hollands antwoord waar we nog altijd om moeten lachen: “Je moet me niet te veel pluimen in mijn kont steken.” Geweldig.
Mijn eerlijke mening over die paar dagen Maastricht? Rijk volk kan soms raar zijn. Ze kopen dingen waar ze geen tijd voor hebben, laten ze liggen alsof het standbeelden zijn, en betalen zich blauw aan kosten. En wij? Wij zitten gewoon op ons terrasje, kijken ernaar, en amuseren ons met de gedachte dat je met minder soms veel gelukkiger bent.
Volgend jaar gaan we zeker terug, om al dat schoon opnieuw te bewonderen, maar vooral om weer te genieten van ons terrasje en “onze” zwanen.